Een ondernemende coöperatieve vereniging
Van & Voor MKB Accountants

Maakt geld je onaardig of zelfs corrupt?

Op de vraag of geld ons corrupt maakt, antwoordt tweederde van de Nederlandse bevolking bevestigend. Dat blijkt uit een representatieve enquête gehouden onder 1500 Nederlanders. Bijna de helft is het eens met de stelling dat geld je onaardig maakt. Rond de 90 procent zegt dat de kredietcrisis aantoont, dat de overheid de markt niet zomaar zijn gang kan laten gaan. En 70 procent vindt de inkomensverschillen in ons land veel te groot.

De beleving die de Nederlander heeft bij het begrip geld is kennelijk niet al te positief. Toch kan geld de mens gelukkiger maken. Vooral in armere landen waar geld betekent: eten en dus overleven. Maar ook bij ons waar geld ontegenzeggelijk handig en nuttig is. Het geeft je meer mogelijkheden, meer status, meer materieel comfort en ook een gevoel van vrijheid. Toch zegt 66 procent van de ondervraagden dat geld niet gelukkig maakt. Dat is wat anders dan wanneer men zegt dat geld niet belangrijk is. Meestal wordt dan bedoeld dat méér geld niet belangrijk is.

Aan de ene kant is geld zeer concreet: het is een stukje gekleurd papier van verschillende formaat met daarop een wisselend cijfer gedrukt. Aan de andere kant is geld ook zeer abstract: het representeert een waarde die telkens weer wordt bepaald door vraag en aanbod. Het ruilmiddel geld staat zodoende ver af van de werkelijkheid, van de concrete wereld en krijgt daardoor, terecht of niet terecht, een slechte naam.

Stel u bent volledig op de hoogte gesteld van het productieproces van merkkleding spijkerbroeken in een fabriek in een voorstadje van Peking. Vijfhonderd Chinese dames met een militaire precisie opgesteld in een fabriekshal in meerdere rijen, bezig achter naaimachines, fabriceren met elkaar spijkerbroeken van een topmerk.
En stel dat u hebt vernomen dat de Chinese dames een wekelijkse arbeidsvergoeding krijgen van een omvang om net niet dood te gaan, en dat de spijkerbroek de fabriek uitgaat tegen € 4 per stuk, terwijl uiteindelijk de betreffende merkspijkerbroek bij ons in de winkel ligt voor € 140. Dan krijgt plotseling geld een hele andere bijsmaak en kunnen en willen we de ogen niet meer sluiten voor de wereld die achter geld schuilgaat.

Geld moet dus meer zijn dan het getal dat op het gekleurde briefje staat. Als we geld zien als een doel en niet als een middel dan ontstaan er IJslandse toestanden. Dan storten we ons – zowel particulieren als zelfs de overheid – op overzeese banken voor een paar procentpunten meer. Dan laten we ons in met risicovolle beleggingsproducten, in de hoop dat ook hier, zoals 2000 jaar geleden, een wonderbaarlijke vermenigvuldiging zal plaatsvinden.

Kortom, geld staat niet gelijk aan de vrije markt. Geld maakt geen keuzes door te berekenen wat het meeste voordeel oplevert. Dat wordt nog steeds door de mens zelf gedaan. Hij bepaalt of hij als calculerende burger naar de wereld kijkt, of dat hij mede vanuit een innerlijke betrokkenheid op de wereld tot keuzes komt. Hij bepaalt of we in onszelf gekeerd raken en egoïstisch worden of dat we vinden dat er in de wereld, in ons land, in onze directe omgeving meer is dan enkel het eigen belang.

Laat me je vrienden ontmoeten en ik zal zeggen wie je bent, is een bekend Russisch gezegde. Een afgeleide hiervan zou kunnen zijn: Laat me zien hoe je met geld omgaat en ik zal zeggen wie je bent. Ligt de nadruk op een economisch eigen belang, dus een calculerende benadering? Worden onze primaire instincten geprikkeld door de consumentenindustrie? Of slaan we een brug tussen de economie van het eigen belang en de belangen en behoeftes van anderen?

Een illustratief voorbeeld hiervan is de wijze waarop banken en verzekeraars omgaan met provisies bij diverse pensioen-, lijfrente- en beleggingsproducten. Het behalen van hoge provisies is een doel op zich geworden. Dat bijna de gehele eerste jaarpremie opgaat aan deze provisie is überhaupt geen issue. Geld verdienen, veel geld verdienen door zoveel mogelijk bancaire en verzekeringsproducten af te sluiten, daar gaat het om.

Het is duidelijk dat hier geen brug wordt geslagen tussen de economie van het eigen belang en de belangen en behoeftes van anderen.
Maar gelukkig, het kenmerkende aan een brug is dat hij noodzakelijk twee oevers kent.
De andere kant van de oever sluit dus ook meer aan bij de concrete verwachtingen van de klant, bij zijn behoeftes en belangen, bij een reëel financieel plan – in dit voorbeeld – over zijn toekomst. Het biedt transparantie over hoe zaken zijn opgebouwd, op welke wijze kosten worden toegerekend, of over de concrete financiële status op bijvoorbeeld zijn pensioengerechtigde leeftijd. En alles tegen een zo laag mogelijke financiële inspanning. Want de klant wil vanzelfsprekend voor een dubbeltje op de eerste rang zitten.

Het zal u duidelijk zijn dat het midden van de brug de plaats is waar partijen elkaar zullen vinden, waar partijen elkaar tegemoet komen doordat belangen worden gedeeld en we daardoor elkaar een ‘rijker’ leven kunnen bezorgen.

En het abstracte begrip: Geld?
Dat heeft in ieder geval bij een dergelijke benadering geen corrumperende uitstraling meer. Geld staat nu in dienst van alle partijen en behartigt daarmee onomstotelijk de belangen van iedereen.

Auteur: Peter Paul Cornielje

Bekijken

Contactgegevens

Sleutelbloemstraat 8
7322 AG APELDOORN
Telefoon: 085 - 04 38 490
secretariaat@accountanthuis.nl

Algemene voorwaarden
Disclaimer

Sponsor

't AccountantHuis is sponsor van Natuurmonumenten